Selecteer een pagina

Als ik in Italië ben, schuif ik graag aan bij eenvoudige eethuisjes waar je – bij aankomst buiten – al niet om de gaande gesprekken heen kunt. Ik heb ’t over het restaurantsegment waar je, naast het gespreksvolume, geniet van akelig goed (en genoeg) eten voor een bescheiden prijsje. Tip: mocht je een keertje doordeweeks rondtuffen in Italië en je hebt overdag trek, kijk dan of er bij het restaurant bedrijfswagentjes staan geparkeerd. Dan weet je alvast zeker dat het prijs/kwalitatief gezien wel snor zit.

Bij je eerste stap binnen, zijn er nog wel wat heikele criteria af te vinken. Is het er goed druk? Check. Word je direct begroet? Check. Staan er eenvoudige houten tafeltjes en stoeltjes? Check. Staat er een televisie aan? Check. Staat dezelfde televisie net iets te hard? Check. Hangt er charmante tl-verlichting? Check. Je bent aan het juiste adres! Hier ga je geheid ongekend lekker smikkelen. Dit instapmodel trattoria is zo Italiaans dat ik ‘m hier in Nederland nog niet heb gevonden. Misschien ook maar beter.

Omdat ik die zoektocht min of meer heb opgegeven, ben ik gelijk maar naar een van de hoogst aangeschreven Italiaanse restaurants van Nederland gegaan. Ik klopte aan bij Segugio aan de Utrechtsestraat in Amsterdam. Segugio? Dat is kennelijk een Italiaanse jachthond. Het restaurant Segugio heeft meerdere prijzen en erkenningen ontvangen. Eigenaar Adriano Paolini komt uit Abruzzo (Midden-Italië) en zet met name lokale gerechten op de kaart. Niet die hond, schat ik zo in. De zeer vriendelijke Adriano is tegelijkertijd zeer veeleisend aangaande wat er op tafel verschijnt: alles wat je proeft, is 100% ambachtelijk, 100% vers en met 100% ambitie gemaakt. Hij is apetrots op zijn regio en doet zijn stinkende best om je daarmee, in culinaire zin, aan te steken.

Adriano schuwt ’t met olive ascolane niet om Italiaans streetfood aan te bieden. Hier doe ik ze tekort mee, maar dit zijn gevulde en vervolgens gefrituurde olijven. Oef, wat lekker! Je hoeft niet meer naar Ascoli Piceno af te reizen om ze te proeven. Verder waren op ons tafeltje te bewonderen: ravioli met romige burrata en pesto, risotto met paddenstoelen en (precies genoeg) zwarte truffel en als hoofdgerecht kwarteltjes met saffraan. In alles proef je dat de eigenaar je verwachtingen wilt overtreffen.

Dat wil Adriano (die ook sommelier is) op wijngebied ook, maar het prijsniveau werd me iets te gortig. Gelukkig gaat zijn uitstekende Montepulciano d’Abruzzo ook voor 7 euro per glas. Dat is duur, maar geef ik liever uit dan de gemiddelde 4 à 5 euro die horeca durven te vragen voor een glas wijn waar je niet blij van wordt. Zit ik nu ineens toch te mopperen? Terug naar Segugio. Het was een feest om daar te tafelen. Naast al het lekkers, was ik ook erg gecharmeerd van de niet doorsnee ambiance. Geinige inrichting. Hier staat iemand aan het roer die niet zomaar tevreden is en zeer specifiek te werk gaat. En daar pluk je als gewaardeerde gast de vruchten uit Abruzzo van.